Zwarte Bes

Zwarte bessen behoren tot het zomers kleinfruit en horen thuis in iedere familietuin. Het aroma van zwarte bes is uitzonderlijk. Deze vrucht is typisch voor noordelijke landen. Zwarte bessen zijn rijk aan jodium en boor, indien ze groeien op een humusrijke organische grond.

Waar kruiden en voeding elkaar raken

Ribes nigrum, zwarte bes, cassis, van de aalbessenfamilie is een bekende vruchtdragende plant die thuis hoort in elke familietuin. Vooral zijn aroma is opvallend. En het is tijd voor herwaardering.

Voeding en geneeskracht

“Voeding heeft niet de bedoeling te genezen, maar het leven te onderhouden. Bij ziekte kan voeding niet herleid worden tot het toevoegen van “genezende voeding”, maar in de eerste plaats door elke handeling stop te zetten die een risico inhoudt dat groter is dan de recuperatiekracht van het lichaam.”

Een korte periode van het jaar hebben we de beschikking over bessen : bosbes, blauwe bes, rode bes enz. Deze bessen zijn onder de vruchten de rijkste bron van jodium en boor. Je weet hoe belangrijk het is het jodiumpeil in evenwicht te houden voor je schildklier. Recent is ook ontdekt dat boor een essentiële stof is voor de botopbouw.

Al die mensen die gedurende jaren calcium hebben ingenomen hebben tijd en geld verloren, omdat één van de voorwaarden voor de opname en geleiding van calcium onvoldoende voorhanden was.

Zwarte bessen zijn het rijkst aan jodium en boor. Maar ze hebben ook bijzonder veel vitamine C en een grote variëteit aan beschermende plantenchemicaliën. Houd in je gedachten dat deze fruitsoort typisch is voor de noordelijke landen en dat de kwaliteit van zwarte bessen op z’n best is indien gekweekt in noordelijke streken. Zwarte bes is een plant voor het koude klimaat en moet je dus niet halen uit het zuiden.

Zwarte bessen zijn eenvoudig te kweken en kunnen probleemloos biologisch worden gekweekt. Alleen de biologisch gekweekte bessen hebben nog die onvervalste smaak van vroeger.

Behalve zwarte bes, moet in deze opsomming ook bosbes, framboos en braam genoemd worden. Al dit zomers kleinfruit betekent een enorme verrijking van onze voeding en houdt voor onze gezondheid heel wat beloftes in.

Beschrijving

Deze bekende, kleine heester groeit in het wild in de bossen bij de Maas in Frankrijk, in Elzas-Lotharingen en in een deel van België. De struiken ziet men vaak in hagen of langs het water. De zwarte bes houdt van voedzame, vochtige grond. In tuinen treft men hem, met de andere soorten aalbessen (witte, rode en rose, en kruisingen met kruisbes), vaak gecultiveerd aan.

De bladeren van de zwarte bes verspreiden een aromatische geur. Aan de onderkant zijn ze bezaaid met kleine, gele kliertjes. De bloemen verschijnen in april-mei in meestal kleine hangende trossen. De vruchten – kleine, ronde, zwarte bessen met een bijzonder aroma – beginnen in juli te rijpen. Men verzamelt de zwarte bessenbladeren in de tweede helft van augustus. Men moet niet te veel bladeren van één struik plukken, anders kan deze niet meer ademen. De bessen plukt men als ze goed rijp zijn.

Samenstelling

De bladeren bevatten emulsine. Ze geven een gele kleur af. De vruchten geven een blauwe kleur (met alkalische stoffen) of een purperviolette kleur (met tinzouten) af. Ze bevatten appelzuur, citroenzuur, invertsuiker en 2,5 % saccharose. Ze bevatten zeer veel vitamine C (197 tot 218 mg per 100 g sap, dat wil zeggen drie keer zoveel als sinaasappelsap). Bovendien is de vitamine C uit de zwarte bes bijzonder stabiel en blijft hij zeer goed behouden, in tegenstelling tot de vitamine C die in andere planten voorkomt.

Geneeskrachtige eigenschappen

In de oudheid kende men zwarte bes niet als cultuurplant. Pas in het eerste deel van de zestiende eeuw begon de struik in Europa bekend te worden en als vruchtdragende heester gekweekt te worden. Het duurde nog enige tijd voor abbé Bailly, dokter aan de Sorbonne, de aandacht op de zwarte bes vestigde en er in 1712 talloze krachten aan toeschrijft. Recente onderzoeken hebben de proefondervindelijke beweringen van de achttiende eeuw bevestigd. Huchard en vooral Decaux uit Vittel hebben bewezen dat de bladeren antireumatische eigenschappen bezitten. Ze zijn vochtdrijvend, maagversterkend, ze stimuleren de lever, de milt en de nieren, maar ze zijn vooral een voortreffelijk middel om ureum en urinezuur te elimineren.

Ze zijn van de beste remedies die er op basis van inheemse planten zijn tegen reuma, jicht, artritis en aderverkalking. Men past de bladeren ook toe als de blaas niet geleegd kan worden, bij blaasontsteking, bij een slecht werkende lever en milt en als zenuwversterkend middel. Baumann heeft de nadruk gelegd op het belang van zwarte bessensap bij de vorming van rode bloedlichaampjes. Lancet noemde de zwarte bes een “uitgelezen voedingsmiddel om botgroei en gewichtstoename te bevorderen.”

Verder stimuleert zwarte bessensap bij infectieaandoeningen het afweersysteem. Door de enigzins prikkelende werking is zwarte bessensap licht laxerend en wormdrijvend. Het is duidelijk dat de zwarte bes een plant is met een opwekkende werking en heilzaam is voor verzwakte kinderen en volwassenen.

• Aftreksel van de bladeren :

Neem 1 eetlepel bladeren op 1 kop water (of ongeveer 50 g per liter). Drink hiervan 3 of 4 kopjes per dag. De kuur moet ongeveer een half jaar volgehouden worden (tegen reuma).

Maar het allerbeste is een han die verse of bevroren zwarte beste voor een heerlijke “Cassis(d)room”…

Vijgen zelf kweken

Wat kan meer plezier doen dan direct van de boom of struik rijp fruit te plukken? Maar succes bij de teelt hangt af van een paar factoren. Die heb ik in dit nieuwe digitale boekje over vijgen op een rijtje gezet. Van stekken, afleggen, tot planten, verzorgen, oogsten, overwinteren, soorten… Je vindt het allemaal in dit boekje. Je krijgt het gratis bij de aankoop van een vijgenplant bij Natur-El. We hebben verschillende soorten op voorraad in veel verschillende groottes. Zie ook onze aanbiedingen-pagina.

Wil je het toch nalezen zonder een plant aan te kopen? Betaal 9 euro op de Natur-El-rekening en je ontvangt spoedig alle informatie.

Denk er bij het plannen over het kweken van vijgen aan dat de boom zon en beschutting nodig heeft. Controleer de maximale grootte van elke boom die u wilt kopen, denk na over de beschikbare ruimte en overweeg kleinere variëteiten voor bescheiden tuinen. U kunt ook contact opnemen met een gespecialiseerde fruitboomleverancier voor koopadvies. 

Echter ben ik in het voorbije jaar (2021) talrijke keren teleurgesteld geweest over de kwaliteit van wat men in de handel brengt. Van de 15 nieuwe variëteiten die ik heb besteld bij gespecialiseerde kwekers van vijgenbomen, waren slechts 3 exemplaren behoorlijk beworteld, zodat ze direct geplant konden worden. Eén exemplaar heb ik één jaar zelf in pot moeten houden om een voldoende beworteling te verkrijgen, zodat hij met een gerust hart in volle grond kon worden geplant. Twee exemplaren waren zo zwak dat ze het niet hebben gehaald, ondanks alle goede zorgen. Dat is natuurlijk niet wat je verwacht. Wat je wil is een krachtig exemplaar dat zich spoedig kan settelen in de grond, want dat is het eerste wat vijgenbomen zullen doen: zich verankeren in de grond, zonder dewelke een goede vruchtzetting ondenkbaar is. Ik heb me voorlopig op vier soorten geconcentreerd : Brown Turkey / Brune d’Enghien, Del Portogalo, Ronde de Bordeaux en Celeste. Met deze vier hoop ik een aanbod te creëren dat tegemoet komt aan de behoefte van de private tuiniers. 

Vleesvervangers

Mensen zitten met vragen over hun voeding. Op het eerste gezicht kunnen sommige onderwerpen details lijken, maar het lijkt me geen slecht idee om het eens wat grondiger te bestuderen.

Eén van de vragen uit de Module Q – Vraag en Antwoord luidt :

“Ik heb met veel belangstelling jullie boekje over eiwitten gelezen. In feite verbaast me dat eigenlijk, want ook in de vegetarische voeding wordt er herhaaldelijk op gewezen dat we onze dagelijkse portie eiwitten moeten eten en dat daarom vleesvervangers noodzakelijk zijn. Op enkele uitzonderingen na vind ik vleesvervangers eigenlijk niet lekker. Ik vind niets over dit onderwerp terug in jullie literatuur. Ik zou graag uw mening kennen over dit onderwerp.”

Professor Sherman zei ooit “Vlees is het vervangmiddel”. Waarom zouden dan de vegetariërs en de fruitariërs, die niet geloven dat de mens in normale omstandigheden een carnivoor is, op zoek moeten gaan naar een vervangmiddel voor vlees? Door te zeggen vlees-vervanger, bekrachtigt men het geloof in de effectieve behoefte aan vlees, want omdat men besloten heeft om vegetariër te zijn, is er nu een open ruimte op het bord… een ruimte die moet opgevuld worden. Dat is merkwaardig dat wij langs de ene kant het vlees eten de rug toekeren, omdat het niet nodig of niet natuurlijk is, en langs de andere kant het vervangen.

Als men er de vegetarische kookboeken en vegetarische menu’s op naslaat, ziet men dat de vleesvervangers erg populair zijn en dat er alles aan gedaan wordt om mensen een vervangmiddel te bezorgen waarvan je binnenkort het verschil niet zult zien tussen echt en vals.

Vergeet niet dat deze beweging al ruim honderd jaar bezig is en begon met diverse afgeleide producten van soja, TVP (texturated vegetable protein). Deze industrie is geweldig in omvang toegenomen en voorziet nu in een haast eindeloos gamma van ingeblikte of bereide en verpakte vervangmiddelen in de vorm van worsten, hamburgers, sticks… en worden bereid door bakken, braden, aanmaken met uien, paddestoelen, om het zo goed mogelijk te doen lijken op vlees. De vegetarische organisaties helpen de mensen om de weg hier naartoe te vinden, om vlees te imiteren op zoveel manieren, dat het wel lijkt of vlees eten heel natuurlijk is en behoort tot de normale menselijke voeding, waardoor de plantenvoeding een radicale afstap lijkt van de normale voedingswijze.

Hoewel de ingrediënten voor de vleesvervangers meestal niets anders dan wat granen, bonen en groenten zijn, is alleen de gedachte aan het moeten vervangen en nabootsen erg verwarrend. In de eerste vegetarische restauranten die in het begin van de 20e eeuw in Amerika en Europa opgericht werden, bestond het menu uit een overvloed aan bonen, erwten, granen, om te voorzien in voldoende eiwitten. Deze voedingsmiddelen werden gezien als de plaatsvervangers voor de eiwitten die anderen haalden uit hun steak of vleesgerecht. Als gevolg van de vleesobsessie, hebben vegetariërs vaak van dag tot dag geleefd op onvolwaardige voeding die hoofdzakelijk gekookt, geconcentreerd en vet was.

Ik wil niet oneerbiedig doen tegenover mensen die deze keuze maakten. Ik waardeer het als iemand tot het inzicht komt dat het ook mogelijk is om te leven en te eten zonder bloedvergieten, vooral als men op ethische of gezondheidsgronden het vlees eten vaarwel zegt. Ik wil alleen de dubbelzinnigheid aankaarten, van het vervangen van iets dat door de natuur niet is voorzien. Had de Schepper een vergissing gemaakt, door niet meteen een steakboom te voorzien, of een struik waar de fishsticks te plukken waren? Maar de wijze mens denkt zijn voeding te moeten verbeteren. De leerling-tovenaar met zijn opzienbarende laboratoria en fabrieken zal het verbeteren. Is het de hunkering naar de smaaksensatie die uitging van die klassieke gerechten die een boost geven en daardoor de indruk van kracht of uithouding suggereren?

Terwijl de vegetarische voeding juist een unieke kans biedt voor het herstel van de gezondheid, het herstel van de plaats van de mens in de natuur, drijven veel mensen weg naar een voeding die nauwelijks verschillend is van eender welke klassieke voedingswijze, omdat ze net zo slecht gecombineerd, net zo verschrikkelijk aangemaakt is met vetten, bakken, kruiden, en bijna net zo toxisch is, omdat het nauwelijks verteert en veel zuren en afval achterlaat in het lichaam. Als men de stap naar een vleesloze voeding zette om gezondheidsredenen, was het bijna een stap voor niets. Op uitzondering van de lage cholesterolwaarden en een beetje meer voedingsvezels en groenten en fruit, is het voordeel erg klein.

Dat is precies wat we kunnen besluiten uit de studies van vegetariërs, uit de statistieken en vergelijkend materiaal.

Ik mag natuurlijk niet veralgemenen. Er zijn vegetariërs en vegetariërs. Er zijn er die zeer goed geleerd hebben om te luisteren naar hun lichaam, die de signalen goed begrijpen, die in hun voeding gedisciplineerd en matig zijn, die begrepen hebben wat het wil zeggen om “het natuurlijke zo natuurlijk mogelijk” te laten.

Langs de andere kant heb je vegetariërs die niet verder gaan dan dat ze geen dierlijke producten gebruiken, bv. omdat ze geweldig van dieren houden en het onverdraaglijk vinden dat hun vrienden gedood worden, en nog erger door henzelf zouden opgegeten worden.

Ik kom in contact met beide groepen en iedereen tussenin. Ik waardeer hun allemaal, maar vind het toch een gemiste kans als het gezondheidsaspect niet even kan aan bod komen… Want het is mooi om van dieren te houden, maar niet van zichzelf !

Hoe erg het ook mag lijken, wat de verteerbaarheid betreft, hebben de vleesvervangers niet veel voordeel op echt vlees. (Soms integendeel/ denk bv. aan seitan). Wat het toxisch potentieel betreft, is er wel een groot verschil tussen plantaardig en dierlijk voedsel. Dat is gemakkelijk te testen op een buffet op een zomerdag, met schotels dierlijk voedsel en plantaardig voedsel. Na een namiddag in de volle zon, zullen de schotels met dierlijke voeding bedorven zijn, terwijl de groentesalades en het fruit misschien een beetje verlept zijn, maar nog eetbaar. Het is een weergave van wat er gebeurt in het spijsverteringsstelsel.

De reden voor de zoektocht naar vleesvervangers, schuilt in de aanvaarding van de hoge eiwitwaarden als norm voor de voeding. Nochtans is dit een erfenis van de advokaten van de vleesvoeding. Daarnaast is er de zoektocht naar stimuli, en vlees is één van de gekende stimulerende mogelijkheden. Plantaardige voeding daarentegen stimuleert niet.

Onwetenden over de plantaardige voeding, zouden wel eens kunnen denken dat plantaardig voedsel monotoon is en dat het gebrek aan verscheidenheid ook niet naar bevrediging leidt. Met de overvloed aan fruitsoorten (vers en gedroogd), groenten en noten, zaden, pitten en de creatieve hand van veel vegetarische/hygiënistische vernieuwers, zijn gigantische verscheidenheid mogelijk, weliswaar van een heel ander karakter dan dierlijk voedsel, maar voor de kenner van een kwaliteit, zuiverheid en eerlijkheid die door geen ander voedsel wordt bereikt.

Het is natuurlijk één van de gekten die dicteert dat we per definitie verscheidenheid behoeven en dat we “van alles een beetje tegelijk” moeten eten. Het is een kunstmatige dwang om te variëren, op zoek naar nieuwigheden en het shoppen van andere voedingsgewoonten. De lijst van wansmakelijke keuzes die daaruit voortvloeide, is te akelig om te publiceren, maar je kunt het zo gek niet bedenken, of mensen eten het.

In de natuur gaat dat niet zo. In werkelijkheid eten alle levende wezens extreem monotoon. Ze eten die enkele – en altijd dezelfde – voedselsoorten, waarop ze volledig zijn afgestemd, een heel leven lang.

Deze en honderden andere vragen vind je in Module Q – Vraag en Antwoord. De reacties van de lezers/studenten zijn ronduit enthousiast. Je kunt het zelfs zien als een cursus Gezond Leven – nu benaderd door het stellen van vragen.

Deze digitale Module kost 30 euro. De link volgt na betaling op de Natuur-El-rekening. Ideale literatuur voor de komende vakantie !

Een zomers kruidendrankje

Enkele dagen geleden vertelde iemand dat ze “vlierbloesemsiroop had gemaakt, gekookt en met een hele hoop suiker… Dat vond ik jammer want het kan ook eenvoudig rauw en suikervrij.

Vanaf het moment dat de eerste vlierschermen zich openden hebben we geëxperimenteerd met dit recept :

Voor een pot van 4 liter :

ongeveer 40 vlierbloesemschermen (best juist geopend)

1 biologische citroen* in schijfjes gesneden, inclusief de pel

40 ontpitte natuurlijke dadels, in stukjes gesneden

4 liter water

Knip de vlierbloemen van de schermen en doe alles samen in een glazen pot.

Laat gedurende 48 uur staan op een warme plaats uit de zon.

Zeef af en pers de kruiden, dadels en citroen uit in een zeefzak.

Je kunt dit enkele dagen bewaren in een fles in de koelkast, of verdeel in kleine porties en vries in voor later gebruik. Dit is een prima winterdrank. Laat ontdooien, meng met warm water en drink uit. Beter dan een spuit !

  • We maakten ook een variant met sinaasappels.
Onthoud, de vlierbloesem is het beste wat de vlier je kan bieden ! Je kunt hetzelfde doen met meidoornbloemen, of met de bloemschermen van moerasspirea.

Wist je dat we ’s zomers een koude thee maken van alle eetbare bloemen die we kunnen vinden? Bv. kaasjeskruid, rozen, duizendblad, guldenroede, wilgenroosje… aangevuld met citroenmelisse of munt, bloeiende tijm of rozemarijn. Zet het ’s morgens in de zon en laat minstens 4 uur trekken. Liever zoet? Doe er dan een klein beetje steviablad bij.

Het Tomato Effect

In de serie DrsPûrNatûr is een editie “Eiwitten en Gezondheid”. Hierin wordt de vraag gesteld waarom feiten die al een eeuw bekend zijn en doorheen de jaren door de wetenschappers keer op keer bevestigd zijn, niet opgenomen worden in de medische praktijk en de dieetleer. In feite zijn de resultaten schrijnend, zeker in het licht van de huidige economie, de ecologische uitdagingen, de honger in de wereld, de opwarming van de aarde… De oplossingen bestaan al, maar stoten op een muur van weerstand en ontkenning.

Vooral in het licht van een recente enquête die aantoonde dat de meeste mensen bereid zijn hun levenswijze aan te passen in het licht van de klimaatverandering. Alleen minder of geen vlees eten, scoorde niet goed. Het kan ons alleen verbazen dat vlees nog steeds als noodzakelijk wordt beschouwd. Niets in ons hele bestaan noch bouw wijst in de richting dat het een elementaire behoefte zou zijn. Als we daarentegen de risico’s van dierlijke voeding en in het bijzonder vlees op een rijtje zetten, zoals Jan Dries ze beschrijft in zijn laatste blog: “gaat snel over in rotting in de darm, bemoeilijkt de stoelgang, belast het verteringsstelsel, zorgt voor een teveel aan cholesterol dat de aders doet dichtslibben, belast hart, lever en nieren. Men gaat ervan uit dat het eten van vlees het risico op darmkanker aanzienlijk verhoogt. De overtuiging dat vlees gezond is, werd door wetenschappers ontkracht. “Dr. Michael Greger zoekt het in wat hij noemt “het Tomaten-effect”. Dit is een naam die in 1992 voor het eerst werd gebruikt toen in Amerika 10 dokters hun klassieke praktijk verlieten en zich specialiseerden in “Environmental Medicine” (Milieu-Geneeskunde) en diagnoses stelden van “chemische ziekten”, ziekten veroorzaakt door het vrijkomen van chemicaliën in het milieu, door de industrie. Het resultaat was dat deze 10 dokters hun licentie verloren. Dr. Zane Kine was één van hen. Hij voerde een spectaculair juridisch gevecht tot in het Appelklate Court en stelde daardoor een precedent. Echter eindigde Zane’s leven in een tragisch en onopgelost ongeval in de bergen. Het onderzoek over de oorzaak van de dood heeft nooit de ware verantwoordelijken kunnen aanduiden, maar eindigde in onthullingen over gesjoemel in de gezondheidszorg.

In zijn artikel “Het oplossen van de epidermische hartziekte door middel van plantaardige voeding”, merkt Dr. Caldwell Esselstyn op hoe gelukkig we zijn “de kennis te bezitten over het voorkomen, stoppen en selectief omkeren van deze ziekte. Maar, ‘klaagt hij verder,’ we hebben niet het geluk dat onze instellingen deze informatie met het publiek delen.

Nadat hij deze aandoening (epidermische hartziekte) gebruikt als voorbeeld, geeft hij de schuld van de traagheid om waardevolle en noodzakelijke informatie te implementeren in onderwijs, advies, behandelingsprotocollen… aan de banden met de industrie en de politiek, resulterend in belangenconflicten ‘binnen onze particuliere en overheidsinstellingen, waardoor de nauwkeurigheid van hun publieke boodschap in het gedrang komt. Dit is een totale schending van de morele noodzaak van de medische professie. Dit is het moment voor ons om de moed te hebben voor legendarisch werk. ” Hij concludeert: “Wetenschap … moet voedingsaanbevelingen dicteren.”

Immers: “Het feit dat een vetarm, vezelrijk veganistisch dieet het risico op de meeste soorten kanker, ischemische hartaandoeningen en de complicaties daarvan, obesitas, diabetes, hypertensie, osteoporose, multiple sclerose, galstenen, nierstenen zal verminderen, blindedarmontsteking, diverticulitis, hiatale hernia, spataderen, aambeien en mogelijk de belangrijkste metabole complicaties van zwangerschap – aandoeningen die samen verantwoordelijk zijn voor de meerderheid van de sterfgevallen en ziekenhuisopnames in de westerse samenleving – zouden voldoende moeten zijn om het aan te bevelen. Degenen die alleen bereid zijn om minder opvallende veranderingen in hun levensstijl aan te brengen, kunnen worden aangemoedigd om hun consumptie van dierlijke producten zoveel mogelijk te verminderen. ”

Tijdens het schrijven van zijn artikel over het vergelijkende endocrinologische effect van plantaardige versus dierlijke eiwitten, werd de onderzoeker zelf overweldigd door de balans van bewijs en onthulde hij: “Tijdens het onderzoeken en schrijven van dit artikel, hebben mijn bevindingen mij ertoe aangezet veganist te worden.”

Waarom omarmen niet meer binnen de wetenschappelijke en medische gemeenschap op dezelfde manier een plantaardig dieet? Een deel van de reden kan het ’tomateneffect’ zijn.

Het tomateneffect, een naam die 30 jaar geleden in het Journal of the American Medical Association werd bedacht, beschrijft de afwijzing van zeer effectieve therapieën door de medische wereld omdat ze toevallig in strijd zijn met de gangbare conventionele wijsheid.

Maar dat betekent niet dat we zelf achterop moeten hinken. Wat de eiwitten in de voeding betreft, hebben we het allemaal op een rijtje gezet en kan je het nalezen in Eiwitten en Gezondheid :

Immers: “Het feit dat een vetarm, vezelrijk veganistisch dieet waarschijnlijk het risico op de meeste vormen van kanker, ischemische hartziekte en de complicaties ervan, obesitas, diabetes, hypertensie, osteoporose, multiple sclerose, galstenen, nierstenen appendicitis, diverticulitis, hiatale hernia, spataderen, aambeien en mogelijk de belangrijkste metabole complicaties van zwangerschap – aandoeningen die samen verantwoordelijk zijn voor de meerderheid van de sterfgevallen en ziekenhuisopnames in de westerse samenleving – zouden voldoende moeten zijn om het aan te bevelen. Degenen die alleen bereid zijn om minder opvallende veranderingen in hun levensstijl aan te brengen, kunnen worden aangemoedigd om hun consumptie van dierlijke producten zoveel mogelijk te verminderen.

Geïmporteerd uit de Nieuwe Wereld: “Tegen [het jaar] 1560 werd de tomaat een hoofdbestanddeel van het continentale Europese dieet … [Terwijl hij tegelijkertijd actief werd gemeden in Noord-Amerika [letterlijk eeuwen]… De reden… is eenvoudig: ze waren giftig. Iedereen wist dat ze giftig waren, in ieder geval iedereen in Noord-Amerika. Het was duidelijk.”

Blijkbaar duurde het tot 1820 toen een of andere man een tomaat at op de trappen van een gerechtsgebouw – en het overleefde, veranderden de dingen eindelijk. En vandaag, in de Verenigde Staten, zijn tomaten een gewas van miljarden dollars. Voorbeelden van dit “tomateneffect” – een slaafse toewijding aan orthodoxie – worden genoemd in de geneeskunde. Bijvoorbeeld het negeren van het succesvolle gebruik van deze vrucht bij de behandeling van jicht gedurende duizend jaar voordat de moderne geneeskunde “ontdekte” dat het het medicijn colchicine was. Salicylzuur werd ook genegeerd gedurende bijna 3000 jaar succesvol gebruik onder de vorm van extract van wilgenschors. Maar ik zou de analogie van het tomateneffect willen uitbreiden naar het gebied van voeding. Duizenden stierven bijvoorbeeld aan scheurbuik – vitamine C-tekort – gedurende honderd jaar nadat werd ontdekt dat citroensap het geneest, omdat ziekte destijds werd beschouwd als een onbalans van de lichaamsvochten; welke rol zou het eten van fruit kunnen spelen?

Een eeuw later, in het midden van de 19e eeuw, kwam de mensheid op het briljante idee om rijst van bruin naar wit te polijsten, wat een epidemie van plotselinge dood door een hartaanval veroorzaakte in Azië. Miljoenen stierven aan beriberi, een vitamine B-tekort dat de hartspier aantast. Opnieuw werd de remedie ontdekt – rijstzemelen of thee van rijstzemelen – maar er waren tientallen jaren van overlijden voordat de medische gemeenschap eindelijk wakker werd en het daadwerkelijk adopteerde.

Vandaag is er nog een epidemie van plotselinge dood door een hartaanval. Het wordt ook veroorzaakt door een dieet en het heeft ook een remedie. Hoe lang moeten we wachten tot het door de medische commercie betoverde publiek de magie van de plantaardige voeding zal aannemen?

McCarty beëindigt zijn artikel met een vaststelling: “Ik vermoed dat het simpele gebod, ‘Eet geen dierlijke producten’ het potentieel heeft om meer te doen voor de wereldgezondheid dan alle diepzinnige wijsheid in alle medische bibliotheken van de wereld.”